Meteen naar de tekst springen

INDEX >> FESTIVALS >>

FILMFESTIVAL VAN GENT 2012
Het festival dag per dag: recensies

 

Kenny De Maertelaere  /  Matthias Van Wichelen  /  Vera Bras | 08/10/2012


Share/Bookmark

Tijdens het 39e Filmfestival van Vlaanderen is Planeet Cinema voor twee weken Planeet Gent. Drie recensenten proberen zoveel mogelijk uit het uitgebreide filmprogramma te behappen. Eerste oordelen: kort en bondig!

In Room 237 doen vijf filmliefhebbers hun theorie uit de doeken over de geheime symboliek in Stanley Kubricks The Shining. De documentairemaker laat hen in hun waarde hoe onnozel en vergezocht hun interpretaties van een aantal ondeduidende details ook zijn. Iedere stelling krijgt even veel aandacht en wordt met dezelfde precisie gevisualiseerd. Het is ook wel interessant wat ze bedacht hebben en de documentaire is goed opgebouwd maar richt zich vooral tot de echte kenners van The Shining. Dan hebben we het niet over mensen die de film gezien hebben maar over fanatici die de film van voor naar achter en van achter naar voor kennen. Room 237 is een fijn filmpje voor de die hards. (MVW)

Een kloeke Oostenrijkse vrouw van een jaar of vijftig reist naar Kenia om uit te rusten. Ze hoort er verhalen over Afrikaanse mannenlijven en raakt geïntrigeerd. Paradies: Liebe is een hilarische, unieke film over haar belevenissen. De dialogen zijn geïmproviseerd, de Afrikaanse acteurs amateurs, de beelden strak gekadreerd. De ongecomplexeerde vertolking van de Oostenrijkse Margarete Tiesel is onvergetelijk. Ze is niet alleen ontzettend grappig, ze heeft ook een overrompelende uitstraling. Het gemak – natuurlijk, spontaan, zelfverzekerd en met veel zin voor zelfrelativering – waarmee ze uit de kleren gaat en de seksscènes speelt, is uniek. Het is haar vertolking en de onweerstaanbare humor die doet vergeten waar we zijn, wat er zich op het scherm afspeelt. Tiesel zuigt de kijker onweerstaanbaar mee in het verhaal, maakt hem medeplichtig door hem te doen lachen. De realiteit dringt langzaam tot het verhaal door en confronteert de kijker uiteindelijk snoeihard met wat hij gezien heeft, met wat zo was. Paradies: Liebe is een bijzondere reflectie over de aard van de moderne mens. De lange slotscène toont hoe dun ons beschavingslaagje is. Het is een topfilm om ongegeneerd hard mee te lachen en achteraf lang mee te worstelen. (MVW)

Searching for Sugar Man gaat op zoek naar Rodriguez, een Amerikaanse singer-songwriter die in jaren zeventig twee platen maakten die totaal flopten. Om een onbekende reden werd hij wel een invloedrijke, gigantisch goedverkopende held in Zuid-Afrika. Dat is op zich al een geweldige invalshoek voor een documentaire. Zero in de USA, Hero in Afrika. Wat het nog interessanter maakt is dat hij zelf een groot mysterie is. In zijn thuisland was zijn carrière al afgelopen voor ze moest beginnen en in Zuid-Afrika is iedereen er van overtuigd dat hij lang geleden zelfmoord pleegde. De documentaire focust minder op zijn muzikale talenten dan op de invloed die hij had in Zuid-Afrika tijdens de Apartheid. Een aantal gedreven fans gaat uiteindelijk naar hem op zoek. De ontroerende documentaire toont een machtig beeld van een buitengewone man. De vraagt is of hij nog leeft en indien dat zo is, in welke fysieke en mentale toestand. Searching for Sugar Man vat de universele magie van muziek. De passie waarmee zijn fans – geen gillende meiden maar hoogopgeleide volwassen mannen – over hem spreken en de fonkeling in hun ogen als ze zijn naam vernoemen, zijn erg pakkend. Het parcours dat Rodriguez zelf heeft afgelegd is al even straf en opzienbarend. Waarom is deze vent niet wereldberoemd? De inspirerende, warme documentaire zorgt voor eerherstel. Zijn muziek is beschikbaar op Spotify. Luisteren maar en ook genieten van de fantastische mix van animatie en archiefbeelden. (MVW)

Andrew Dominik doet ontroerend hard zijn best om van Killing them Softly de coolste, slimste en hipste misdaadfilm van het jaar te maken. Hij faalt. Uitgangspunt is een overval op een illegaal gokhuis. Brad Pitt moet in opdracht van een misdaadsyndicaat de boel gaan opkuisen. Willen de lange dialogen duidelijk te maken dat de gangsters ook maar mensen zijn die proberen te overleven in het hedendaagse Amerika? Moeten ze hen reliëf geven, aantonen dat moordenaars ook een ziel hebben en het soms in hun broek doen van de schrik? Of willen ze vooral bewijzen hoe straf de scenaristen zijn die ze geschreven hebben. Zeker is dat ze verhaal zodanig vertragen dat de spanning volledig verdwijnt. Enkel omdat Dominik lang wacht om de verbanden tussen de verschillende personages te leggen, hangt er een zweem van mysterie over zijn film. Toch wordt het zelden boeiend en prangend. Ook visueel is de film een ontgoocheling. Die superslowmotion van een afgeschoten kogel hebben we al net iets te vaak gezien, net als de bloederige scènes . De Bush-en Obamaspeeches typeren nog het sterkst wat er niet werkt in deze film. Ze wekken de schijn dat we het verhaal in een bredere context moeten zien, maar ze voegen helemaal niets toe. Killing them Softly schiet tekort als donkere misdaadfilm en als karakterstudie. Het is saai. Daar kan zelfs de een overtuigende cast niets aan veranderen. (MVW)

Er zijn twee manieren om te reageren op Passion, de nieuwe film van Brian De Palma: de film ondergaan en je ergeren tot een zenuwinzinking er op volgt of het zien als een grote, uitzinnige parodie op alle slechte thrillers uit de filmgeschiedenis. De tweede optie is veruit de gezondste en de leukste. De hopeloos gedateerde puinhoop die de Amerikaanse regisseur gemaakt heeft, is op geen enkele manier serieus te nemen. Het verhaal is ongeloofwaardig in het kwadraat, de vertolkingen benaderen het allerergste uit het amateurtoneel, de fotografie herinnert aan de gladde jaren '80-films waar niemand nog aan wil denken en de pompeuze muziek is niet om aan te horen. Gelukkig waarschuwt die muziek nog voor de spannende momenten. Anders herken je die echt niet. Lachen, gieren, brullen dus als enige oplossing om de film zonder hersenbeschadiging te overleven. Lachen met de klunzige lesbo-momenten of met Noomi Rapace en Rachel McAdams die het begrip overacting een nieuwe invulling geven. Gieren om de bij de haar getrokken twists in het plot of met de houterige acteurs in de bijrollen. Brullen om zo veel idiote dialogen en debiele tussenshots. Om in het De Palma-universum te blijven: het is waarschijnlijk zijn geheime tweelingbroer die ooit het moderne meesterwerk The Untouchables gedraaid heeft. De Amerikaan is nooit de subtielste geweest maar dat hij zo laag zou zinken is toch verrassend. Passion is zo belabberd dat hij een levenslang beroepsverbod zou moeten krijgen. (MVW)

Het Tsjechische A Night top Young draait op zowat alle filmfestivals ter wereld. De amper 65 minuten durende film is best ok, maar ook niet meer dan dat. Twee twaalfjarige jongens belanden op een flat waar ze met drie volwassenen een avond en nacht doorbrengen. Het is hun eerste echte confrontatie met de wereld van de grote mensen. In de flat hangt een gespannen sfeer. Twee mannen en een jonge vrouw draaien eindeloos rond elkaar. Ze hebben dingen recht te zetten, rekeningen te vereffenen. Welke blijft vaag. Alcohol en seks zijn de middelen die hun daarbij gaan helpen. De nuchtere karakterstudie is sfeervol en geloofwaardig maar niet echt spannend. De personages zijn interessant maar er gebeurt te weinig om deze film lang te herinneren. (MVW)

De fabelachtige documentaire Marima Abramovic – The Artist is Present formuleert met passie en overtuiging een antwoord op die onmogelijke, eeuwig terugkomende vraag: ‘Wat is kunst?’ De camera volgt de Servische kunstenares in de voorbereiding op een performance in het Moma in New York. Voorkennis is niet nodig, noch over performance art, over Abramovic of over kunst in het algemeen hoef je iets te weten om volledig in de ban te geraken van deze uitzonderlijke vrouw. Archiefbeelden geven een overzicht van haar imposante carrière, maar het interessantste is het gedeelte in het Moma. Abramovic zit een hele dag in het midden van een zaal op een houten stoel. De stoel tegenover haar is leeg. Bezoekers van het museum mogen tegenover haar komen zitten. Gekke bewegingen maken mag niet, net als praten of haar aanraken. Even samen zijn met het publiek: dat is haar kunstwerk. Zelfs wie er rotsvast van overtuigd is dat dit geen kunst is maar bullshit, wordt over de streep getrokken. De aan waanzin grenzende passie die ze in haar werk steekt, haar roekeloze gedrevenheid en totale weerloosheid tegenover kritiek zijn kenmerken van alle grote kunstenaars. Ze komen in de documentaire geweldig tot uiting. Het meest indrukwekkende is de manier waarop de film de heel sterke reacties van het publiek weergeeft. De performance komt prachtig tot leven, bloeit helemaal open en gaat een eigen leven leiden. Zoveel pure, onversneden emoties opwekken: dat is kunst. (MVW)

Sinds Festen is een tikje op een wijnglas nooit meer hetzelfde. Lars Von Trier deed in Melancholia zijn duit in het zakje. In Love is all you Need laat Susanne Bier de altijd geweldige Paprika Steen speechen. Haar neef trouwt in Italië met een meisje dat hij drie maanden geleden leerde kennen. Een film die begint als een feel good romcom over een vrouw met kanker en een rijke weduwnaar –  een soort  Aanrijding in de Parkeergarage –gaat ineens een andere richting uit. Het is tenslotte een Deense film waarvan de geniale Anders Thomas Jensen het scenario schreef. Scherpe dialogen in overvloed. Genant-herkenbare ontboezemingen met een slok te veel op, de waarheid en niets dan de waarheid op een moment dat je rond de pot moet draaien: dit is wel degelijk vintage Deense cinema met personages die uit hun rol vallen en wonden slaan. Bier herinterpreteert het genre op haar eigen manier. De geslaagde film is grappig, ontroerend en meeslepend. Een tikkeltje voorspelbaar misschien maar dat hoort nu eenmaal bij het genre. Net als in Jagten en A Royal Affair is de cast buitengewoon goed, met Trine Dyrholm als schitterend middelpunt. (MVW)

Erik en Paul vormen een prachtig stel in het Amerikaans-Deense Keep the Lights On. Erik is een documentairemaker, Paul werkt bij een uitgever. De film toont hoe hun woelige relatie evolueert wanneer Paul zijn druggebruik niet meer onder controle heeft. Omdat de geliefden mannen zijn, wordt de film getoond in de holebisecties van filmfestivals. Stom is dat want hun geslacht heeft geen enkele invloed op de evolutie van het verhaal. Regisseur Ira Sachs brengt het heel sober. Hij laat alles draaien om de twee mannen en de onzekerheden in hun leven. Kan hun liefde zo veel druk, onzekerheid en angst overwinnen? Hoe ver ga je om je geliefde te helpen? Hoeveel investeer je van jezelf. Sachs beantwoordt de vragen op een heel natuurlijke en daardoor dubbel zo indringende manier. Thure Lindhardt en Zachary Booth versterken het dramatische effect met hun ingetogen vertolkingen. Keep the Lights On is een sterk, goed opgebouwd, emotioneel rijk relatiedrama. (MVW)

In A Respectable Family graaft een professor in zijn familieverleden. Hij woonde 22 jaar in het buitenland en is nu terug in Iran om een gastcollege te geven. Wanneer zijn vader sterft, moet hij een aantal gewetenskwesties oplossen. Een flink stuk Iraanse geschiedenis passeert de revue. Sommigen hebben hun voordeel gedaan bij al die historische gebeurtenissen. Massoud Bakhshi’s debuut is een vlotte, moderne film met een verhaal dat steek houdt en waarin de acteurs het goed doen. Wat de film onthult is uiteindelijk nogal banaal. Tegen die historische achtergrond en met de aangesneden onderwerpen zat er een spannender verhaal in of toch een met wat meer gewicht. Het is geen tegenvaller, maar ook geen echte topper. Het had gewoon ietsje meer mogen zijn. (MVW)

'Echt gebeurd' verschijnt in koeien van letters op het scherm bij het begin van de film. Regisseur Craig Zobel heeft de aankondiging nodig om te benadrukken dat hij het verhaal niet uit zijn duim heeft gezogen. Compliance stelt keer op keer dezelfde vraag aan de kijker: wat zou jij gedaan hebben? Tijdens het strakke eerste uur is het antwoord waarschijnlijk: 'hetzelfde als de gerante van de snackbar'. Wanneer later andere personages het verlengstuk van de flik spelen, is dat al minder zeker. Hoe zieker het verhaal wordt hoe onwaarschijnlijker ook. Een simpele nee had volstaan. Een telefoontje om te dubbelchecken. Of gewoon gezond verstand. Compliance vraagt zich af hoe ver mensen kunnen meegaan in waanzin, enkel en alleen omdat het hen gevraagd wordt, omdat de situatie hen daar in hun ogen toe dwingt. Het heeft ook iets weg van Das Experiment waarin normale mensen zich gaan gedragen naar de rol die hen door anderen wordt opgelegd. Deze Amerikaanse film maakt de ambities niet waar. Geen enkele kijker kan zich tot het einde identificeren met de personages. De keuzes die ze maken zijn niet te verdedigen, het scenario krijgt niet uitgelegd hoe groot hun dilemma's zijn. Ondanks het mindere einde is Compliance best een fijne formulefilm, vooral dankzij de sterke vertolkingen van de onbekende cast. (MVW)

Het enige positieve dat de twintigurendurende Harry Potter filmdrab heeft opgeleverd, is de ontdekking van Emma Watson. Voor het oog van de camera’s evolueerde ze van meisje-meisje tot de zelfbewuste, sexy, waanzinnig goedgeklede jonge vrouw die ze nu is. Haar bijrol in My Week with Marilyn was maar een opstapje naar The Perks of Being a Wallflower waarin ze een van de drie hoofdrollen speelt. Centraal staan Charlie (Logan Lerman), Patrick (Ezra Miller) en Sam (Emma Watson), drie tieners die op hun eigen manier omgaan met de duistere kanten van hun persoonlijkheid. The Perks is een coming-of-age film van de superieure soort. Hij volgt de wetten van het genre. Hij is dus een tikkeltje voorspelbaar, afwisselend komisch en dramatisch, herkenbaar, ontroerend, meeslepend en romantisch. De lach, de traan en de bevrijding na ups-en-downs. De film benadert Charlie’s depressie totaal natuurlijk en ongedwongen. Alle clichés over de ziekte gaan aan de kant. Natuurlijk heeft hij er last van, maar niet de hele tijd en zeker niet altijd even hevig. Charlie is een schuchtere, doorsnee gast, bang van meisjes zoals de meeste tieners. De spontane en kwetsbare Logan Lerman is een ontdekking in hoofdrol. Ezra Miller bewijst na zijn glansrol in We Need to Talk About Kevin dat hij ook grappig en warm kan zijn. En Watson? Ze straalt. Ze zijn alle drie even overtuigend en even belangrijk. De som is ook groter dan de optelling van de delen. Het trio vonkt en bruist. Het debuut van Stephen Chbosky is een goed opgebouwde, visueel aantrekkelijke – Emma Watson in de tunnel! – crowd pleaser. Een absolute must-see. (MVW)

Het is niet duidelijk of Bestiaire een documentaire is of een speelfilm. Wat de bedoeling is van de film blijft een even groot raadsel, maar het grootste mysterie van allemaal is hoe Denis Côté erin slaagt de kijker van begin tot einde aan het scherm te kluisteren. Je moet het gezien hebben om het te geloven want de man uit Québec filmt beesten. Heel veel beesten. Dialogen en muziek zijn er niet en de film heeft geen plot. Het is aan de kijker om zelf een verhaallijn te verzinnen bij de aan elkaar geplakte beelden. De dieren zelf doen niets speciaals. Vaak zien we enkel hun rug, oren of poten. Ze staan stil. Een enkele keer lopen ze in en uit het beeld. Na een kleine opwarmingsperiode krijgt de film body en ziel. Het is steeds in spanning wachten op wat er nu weer volgt. Zo wordt Bestiaire grappig, zijn bepaalde scènes ontzettend mysterieus en is er eentje dat perfect zou passen in een psychologische thriller. Naarmate de film vordert, geeft Côté meer informatie over de plek waar hij filmt en worden zijn shots lichter en meer open. Wie wil kan een zowaar een subtiele boodschap ontwaren in de laatste tien minuten. Bestiaire is een fascinerend poëtisch filmpje waar snob over zeggen dat het geen spek is voor ieders bek. Dat is onzin. Er is niets moeilijks of ingewikkelds aan. Het is schoonheid op een groot scherm en daar houdt iedereen van. (MVW)

Met ruwe handen maar een zachte ziel, zo filmt de Amerikaanse debutant Adam Leon zijn  jonge hoofdpersonages in Gimme the Loot. Sofia en Malcolm willen graffitigeschiedenis schrijven in de Bronx. Het belangrijkste obstakel is de 500 dollar die ze nodig hebben om een man om te kopen. De hele film proberen ze die centen te verzamelen. De afro-Amerikaanse tieners– zelf noemen ze elkaar nigga – hebben de praatjes en de plannen maar ze merken dat hun opdracht toch lastiger is dan ze hoopten. Gimme the Loot is een ontwapenend realistische komedie met twee geniale hoofdpersonages. Met hun taaltje en stoere outfits lijken ze de heersers van de straat. Hun stuntelige acties verraden dat ze grote kinderen zijn. Adam Leon laat Sofia en Malcolm geregeld afgaan in hilarische, soms wrange scènes. Ze verliezen vaker dan hen lief is maar het zijn geen losers. Leon ziet hen graag, hij neemt hun 500 dollar-missie serieus en respecteert hun dromen. Hetzelfde doet hij met de Bronx. Dat is niet de beste buurt van New York maar zonder te romantiseren toont Gimme the Loot een deel van de stad waar geleefd en gespeeld wordt, waar mensen wonen. De oneffenheden in de film maken hem alleen maar echter en cooler. Een echt budget was er niet voor deze film. Wel talent en passie. Authentieke, verfrissende indiecinema is het te koesteren zeer publieksvriendelijk resultaat. (MVW)

Met The Sound of Belgium weekt de Belgische regisseur Jozef Devillé moeiteloos zelfs bij de meest bescheiden Belg enig chauvinisme los. Voorwaarde is wel dat men van muziek en dansen houdt of opgroeide in de jaren tachtig en negentig. De informatieve muziekdocumentaire bouwt met een passage langsheen de geschiedenis van het Belgische uitgaansleven en aandacht voor de platenindustrie die vanuit de Verenigde Staten overwaaide, een verhaal op dat leidt naar de New Beat en de discotheekcultuur in België. Met reënactmentscènes van de Slag van Waterloo op een stevige beat is het van meet af aan duidelijk dat Devillé voor een brede aanpak kiest . Zo komt men heel wat te weten over de dans- en feestcultuur in ons land die door het ontstaan van de mechanische muziek op de kermis en in de talrijke baancafés, in de jaren zestig en zeventig uitgroeide tot de Belgische Popcornscène. Disc Jockeys draaide toen al importplaten op een trager toerental.  Een resem goede beats, veel getuigenissen uit de Belgische muziekindustrie en een arsenaal aan interessante archiefbeelden verklaren het ontstaan van een typisch Belgische sound. De New Beat was een kort leven beschoren maar zorgde voor een ongekende rage, ook buiten de landsgrenzen en stond aan de wieg van andere elektronische muziek. (VBR)

Tabu is de derde film van de Portugese cineast Miguel Gomes. Met een bizarre proloog over een melancholische koloniaal die zoals een voice-over stelt, in de regen en de zon door het Afrikaanse oerwoud trekt, kondigt hij een briljant verteld levensverhaal aan. ‘Je mag zo ver lopen als je wil, je zal niet ontsnappen aan het hart’, geeft de stem nog mee. Twee episodes spelen zich vervolgens respectievelijk in Lissabon en in een Portugese kolonie diep in Afrika af. In Het Verloren Paradijs staat Pilar centraal. Zij woont in de flat tegenover de bejaarde Aurora en haar dienstmeid. De excentrieke Aurora is gokverslaafd en verliest zich geregeld in haar dromen. Pilar tracht haar tevergeefs te helpen. Wanneer ze op haar sterfbed vraagt naar een zekere Gian Luca Ventura haalt Pilar deze man op in een tehuis. Wanneer hij zijn verhaal begint te vertellen, neemt de filmmaker het publiek vijftig jaar terug in de tijd mee naar de voet van de berg Tabu. Hier begint deel twee, het Paradijs, waarin Gian Luca zijn herinneringen op poëtische wijze verbeeldt. Gomes voorziet het verhaal van een stevige dosis dramatiek en brengt met veel romantiek en nostalgie een ode aan de filmgeschiedenis. Zijn in twee  formaten gedraaide zwart-witfilm speelt met tijd en ruimte zowel als met het geheugen van de personages en biedt zo een bijzondere cinefiele bijdrage. (VBR)

In Another Country is een aangename kennismaking met de Zuid-Koreaanse regisseur Sang-soo Hong. In drie losstaande verhaaltjes toont hij hoe Isabelle Huppert telkens om een andere reden naar een desolaat Koreaans kuststadje reist. De Française speelt een filmregisseur, een getrouwde vrouw die haar geheime minnaar opzoekt en een vrouw die haar liefdesverdriet komt verwerken. Naast de uitstekende – heeft zij ooit een slechte rol gespeeld? – Huppert is een jonge strandwachter met een strak lijf de constante factor. In Another Country is geen revolutionaire cinema. Inhoudelijk stelt de film weinig voor. Het is een speelse, vederlichte vingeroefening die gedragen wordt door geestige dialogen, ontspannen vertolkingen en een aantal erg charmante en grappige scènes. De strandwachter is in zijn drie gedaantes een van de allercoolste personages op dit filmfestival. (MVW)

Julien en Pouga, respectievelijk een profvoetballer en een kleine crimineel, zijn jonge twintigers die in Brussel wonen en dromen van een groots leven. De wereld behoort hen toe, vinden ze. Elk op hun manier grijpen ze de kansen die zich voordoen in Le Monde Nous Appartient van de voormalige sportjournalist en filmcriticus Stephan Streker. Vincent Rottiers geeft met zijn melancholische blik gestalte aan Pouga, een jongeman die denkt dat alles met geld en status te verkrijgen is. Julien is een rol die weggelegd is voor een nieuwkomer met een latino look, Ymanol Perset. Daarnaast is Olivier Gourmet van de partij als Juliens gokverslaafde vader terwijl Sam Louwyck, die ook in La Cinquième Saison is te bewonderen, Juliens voetbalmentor speelt. De twee jongemannen houden allebei van dure wagens en mooie vrouwen hoewel hun methodes enigszins verschillend zijn. Ze ontmoeten elkaar ongewild in de finale van deze film. Vakkundig en afgemeten verweeft de regisseur enkele doeltreffende flashforwards in deze Belgische productie op muziek van Ozark Henry, dit om te eindigen waar Le Monde Nous Appartient aanvangt. Juist jammer dat hij even de bocht uitgaat met een neushoorn en een herdershond. Streker brengt de hoofdstad met behulp van een talentrijke cast wel flitsend en hard in beeld. (VBR)

Jim Grant hield er in de jaren zeventig wel een apart gezelschap op na in The Company You Keep. Met een tiental ondernam hij onder de naam Weather Underground revolutionaire acties waarbij gebouwen wel eens de lucht invlogen of een bank werd overvallen. De FBI is Susan Sarandon, als Sharon Solarz, lid van de protestbeweging, na dertig jaar op het spoor gekomen. Ze wordt gearresteerd. Dat is voer voor de bek van Ben Shepard (Shia Labeouf) die een spannend onderzoeksverhaal ruikt voor de Albany Sun Times, zijn werkgever. Door de arrestatie van Solarz ontmaskert men de ware identiteit van advocaat Jim Grant. Deze slaat echter op een vlucht die hem doorheen de Verenigde Staten naar zijn oude vrienden leidt, op de hielen gezeten door de assertieve en ambitieuze journalist Shepard en de FBI. Hij heeft nog een rekening te vereffenen. Robert Redford levert naast de regie van een op de gelijknamige roman gebaseerd scenario, nog maar eens een glansrijke acteerprestatie, daarbij geholpen door een doorwinterde cast van vijftigplussers waaronder Susan Sarandon, Julie Christie, Brendan Gleeson, Nick Nolte, Chris Cooper, Sam Elliott en Britt Marling. The Company You Keep is een degelijke maar weinig verrassende politieke thriller. (VBR)

In het Canadese The Odds pleegt een tiener zelfmoord. Zijn beste vriend gelooft niet dat hij zich van kant heeft gemaakt. Zijn  speurtocht naar de waarheid is met voorpsrong het saaiste dat dit jaar in Gent te zien is. De film mist tempo, urgentie, flair, verrassing en vooral spanning en dat laatste is essentieel bij een thriller. Visueel gebeurt er helemaal niets in deze  routineus gemaakte misser die geen seconde geloofwaardig is. Om hun goede humeur te vrijwaren lopen filmliefhebbers best in een grote boog om The Odds heen. (MVW)

Gaël Morels Notre Paradis is een opvallend toegankelijk relaas over twee geliefden die Parijs ontvluchten. Vassili en Angelo onmoeten elkaar ’s nachts in het Bois de Boulogne. Het is de start van een heftige romance tussen de twee gigolo’s. Omdat Vassili zijn moordzuchtige neigingen niet onder controle krijgt, nemen ze de wijk naar Lyon. Morel filmt rustig in felle en heldere kleuren, last de nodige pauzes in en verliest zich niet in details. Met veel gevoel voor humor schetst hij het homomilieu waarin de twee geliefden zich begeven. Van de moorden maakte hij tableautjes, prachtig in al hun gruwelijkheid. Morel bekijkt de moordraid vanuit hetzelfde standpunt als de kijker. Hij stelt het vast: tiens, daar ligt alweer een lijk. Waar de moordzucht vandaan komt, is minder belangrijk. Notre Paradis wemelt van de filmcitaten en is een mooie herinterpretatie van de film noir. Dimitri Durdaine is een ontdekking als homme fatale. Het middengedeelte van de film – waarin Béatrice Dalle opduikt – duurt jammer genoeg zo lang dat de verhaal wat verwatert. Het laatste kwartier zet dat weer recht. Hoewel hij een tikkeltje te onevenwichtig blijkt, is deze Morel een ferm, eigenzinnig filmpje. Een waarvan je de gebreken aanvaardt omdat hij gemaakt is met passie en een grote liefde voor de cinema. (MVW)

De Belgische choreografe Anne Teresa De Keersmaeker realiseerde de fel gesmaakte dansproductie Rain met haar dansers van Rosas al in 2001. Waarom Olivia Rochette en Gerard-Jan Claes er dan anno 2012 een documentaire over draaiden, lijkt overbodig, ware het niet dat de originele productie in 2011 door het ballet van de Nationale Opera van Parijs zou worden hernomen. Met occassionele momentopnames van de wolkenhemel, van grijzige beelden van de bewakingscamera en een gerepeteerde noot aria volgt het regisseursduo de repetities die meer dan een half jaar in beslag namen. Met die dreigende wolken in beeld is het alsof de lucht zich werkelijk klaarmaakt voor de in te studeren regendans. Het graduele proces dat zo spitsvondig in een structuur wordt gegoten, zit de klassiek geschoolde dansers elegant op de huid terwijl ze de rigoureuze mathematiek en hun gevecht met de zwaartekracht op een persoonlijke manier trachten vorm te geven. Bij dit alles worden ze begeleid door de assistent van Anna Teresa De Keersmaeker, Jakub, die het perfectionisme van zijn mentor perfect doorgeeft. In gebriefte telefoongesprekken blijft zij ook in het buitenland van de ontwikkelingen op de hoogte. De apotheose van de premièreavond vindt plaats in een adembenemende fotografie die de lichamen en de dans volledig tot zijn recht doet komen. Zelfs wie geen kaas heeft gegeten van hedendaagse dans kan voor Rain vallen. (VBR)

Zoals A Perdre la Raison gebaseerd is op de vijfvoudige kindermoord die Geneviève Lhermitte pleegde is A Moi Seule losjes geïnspireerd op het dossier Natacha Kampusch. Het Oostenrijkse meisje werd in 1998 ontvoerd door Wolfgang Priklopil en tot 2006 gevangen gehouden in zijn kelder. De makers hebben heel bewust gekozen niet het hele verhaal te willen vertellen. Een aantal trage sekwenties geeft een beeld van de bizarre manier waarop het meisje samenleefde met haar ontvoerder. Ze is al een tiener als de film begint en mag vrij rondlopen in het huis. Ze stelt vrank en vrij haar eisen, is nukkig, vrijgevochten en zelfbewust. De film focust op hun zeer vreemde relatie. Het meisje kreeg alles wat ze wilde, leerde autorijden, las honderden boeken, luisterde muziek en ontwikkelde zich alles bij elkaar redelijk normaal. De andere gouden zet is om niet te proberen hun geest te doorgronden. Dat is een zaak voor wetenschappers die er al duizenden boeken over hebben geschreven en nog altijd niet met honderd procent zekerheid kunnen zeggen wat er fout gaat in het hoofd van een crimineel zoals Priklopil. De film houdt afstand van de personages, laat hen rustig hun gang gaan. De opvallend rustige toon werkt bevreemdend maar geeft de kijker ook ruimte om het verhaal te absorberen en te interpreteren. Reda Kateb (binnenkort ook te zien in Trois Mondes) en Agathe Bonitzer geven beheerst gestalte aan hun beroemde personages. Ze tonen aspecten van hun karakter die we niet in hen vermoedden. Knap werk. (MVW)

Na een ietwat mindere periode waarin zelfs zijn grootste fans dreigden af te haken staat regisseur Tim Burton er opnieuw met de zwart-witte stop-motion animatiefilm Frankenweenie (in – of wat had u gedacht – 3D!). De film, gebaseerd op een live-action kortfilm die Burton in zijn jonge jaren maakte, verhaalt over de jonge Victor wiens hondje Sparky plots komt te overlijden. Gesterkt door de woorden van een excentrieke leraar besluit Victor het dier te reanimeren. Wat volgt is een onvervalste hommage aan de griezelfilms van weleer én een bloemlezing van Burtons vele favoriete onderwerpen en aandachtspunten: de buitenbeentjes; de schijnbaar normale “buitenwijk”; de tragiek van een monster... Burton grijpt terug naar wat hij het beste kan en zijn film stelt dan ook niet teleur. Wie op zoek gaat naar een eindeloze stroom grappen zal wellicht teleurgesteld de zaal verlaten; Burton trekt de kaart van de nostalgie en levert een bitterzoet, hartverwarmend sprookje af, met een dikke knipoog naar de horrorliefhebbers. (KDM) 

Met The Paperboy levert regisseur Lee Daniels na het overschatte Precious een onvervalste “love or hate”-film af. Het verhaal – waarin twee broers de zaak van een ter dood veroordeelde moordenaar willen heropenen – is ondergeschikt aan de broeierige sfeerzetting; laag-bij-de-grondse personages en zweterige; ongemakkelijke seksualiteit. Het is voor de kijker bijzonder moeilijk om zich met deze figuren te identificeren maar de cast gaat voluit: Matthew McConaughy bevestigt opnieuw zijn carrière-revival als de geobsedeerde Ward die een wel heel erg duister geheim met zich meedraagt; tieneridool Zac Efron gooit het High School Musical-juk van zich af als jonge broer Jack; Nicole Kidman vertolkt als de platinablonde del Charlotte een van de vreemdste personages uit haar loopbaan en John Cusack is angstaanjagend geschift als de al dan niet schuldige Hillary Van Wetter. Alle personages hebben verborgen agenda's en zijn niet noodzakelijk wie ze beweren te zijn. Daniels dreigt soms gevaarlijke uitschuivers te maken met allerlei pseudo-artistieke vondsten en visuele trucjes maar wist ons uiteindelijk aan zijn kant te scharen. The Paperboy is ruw, slordig, allesbehalve politiek correct, brutaal en baadt in gitzwarte humor. Je kan het zweet op de hoofden en lichamen van de personages bijna ruiken. Een gezellige film voor het hele gezin kunnen we dit bezwaarlijk noemen maar voor wie zich graag eens in marginaliteit en waanzin wentelt is dit geen slechte optie. (KDM)

Het is bijna misdadig hoe regisseur Ron Morales zijn eigen film onderuit haalt door er eerst een misselijkmakend moreel lesje in te verwerken, vervolgens er een aantal Loft-achtige plottwists aan toe te voegen die hij vervolgens van naald tot draadje uitlegt. Weg is de spanning, foetsie het mysterie. Tot dan is het Filipijnse Graceland een lekker smerige misdaadfilm over chanteerbare politici, een enigmatische anti-held, gewetenloze criminelen, kinderprostitutie en meer onwelriekende zaken.De explosieve cocktail is lang spannend en onvoorspelbaar. Origineel is het verhaal niet maar het wordt fris en scherp gebracht. Tot het moment dat gerechtigheid moet geschieden en het verhaaltje heel suf wordt afgerond. (MVW)

Een grootvader brengt met zijn kinderen en kleinkinderen een deel van de zomer door op het familielandgoed. De kudde geiten graast er in de heuvels, de populieren zijn een bom geld waard. De mannen zitten rond het kampvuur, eten gebraden geit en drinken raki. Ze praten en praten en praten. De familieband is verrokken, maar er is meer aan de hand. Het landgoed wordt begrensd door een heuvel. En achter de heuvel zitten nomaden die de grootvader veel onrust bezorgen. De hele film is opgebouwd rond de dreiging die uitgaat van de onzichtbare vijand achter de heuvel. Zoals dat de gewoonte is in de betere Turkse auteurscinema  legt Tepenin Ardi niets uit. Tegen de adembenemend mooi gefotografeerde natuurpracht ontspint zich een mysterieus verhaal waarin de werkelijkheid en angstbeelden in elkaar overvloeien. De suggestieve slotscene - met de speelse muziek - is de kroon op het werk. Tepenin Ardi is een kandidaat winnaar. (MVW)

Regisseur Baurzhan Kuanyshev heeft lang nagedacht over Student. De uitgebeende shots, de gewild-naieve vertolkingen en de onderkoelde mise-en-scene zijn daarvan het bewijs. Een arme student economie hoort iedereen in Kazachstan klagen over de ongelijke verdeling van de rijkdom in het land. Hij besluit er iets aan te doen. Er zitten heel sterke, prikkelende momenten in de film - de opening bijvoorbeeld en discussies op de universiteit - maar meer dan een strakke stijloefening wordt het nooit. Vorm en concept gaan boven ziel en passie en dat maakt het heel moeilijk - om niet te zeggen onmogelijk - om mee te leven met het hoofdpersonage. Student is intelligente saaie cinema, niet goed genoeg dus.

Lore is een tienermeisje dat bij aanvang van de gelijknamige film zich badend in bad de haren uittrekt, die ze een voor een telt. Het is al meteen duidelijk dat de Australische cineaste Cate Shortland met Lore een visueel sterk verhaal zal vertellen. De camera speelt zoals in de rest van de film met de kleurenpracht en de lichtinval. Deze elegante cameravoering staat in schril contrast met het originele scenario dat de toeschouwer meevoert naar de harde wereld van het Derde Rijk. Lore is de dochter van een nazikoppel dat in de lente van 1945 op het punt staat opgepakt te worden door de Geallieerden. De korte tijd die Lore samen met haar tweelingbroertjes, haar zus en een babybroertje nog met haar ouders doorbrengt, is de doctrine van het nazisme dreigend voelbaar in de manier waarop haar vader, een SS-officier met het gezin omgaat en de ontkenning van de misdaden die haar moeder volhoudt. Als dieven in de nacht slaan ze op de vlucht. Nadat de kinderen noodgedwongen de tocht alleen verder zetten door het woud, op weg naar de ‘omi’ in het noorden van Duitsland, botsen ze op een jongeman. Goed en kwaad blijkt relatief in deze situatie. Heel secuur en met aandacht voor de dreigende omgeving schetst Shortland de ellende van deze kinderen, die in een snel veranderende context trachten te overleven. De loutering die Lore doormaakt is een zeer geleidelijk proces dat zuiver in beeld wordt gebracht. Saskia Rosendahl schittert in de hoofdrol. Lore is zeker en vast een aangrijpende aanrader. (VBR)

La Cinquième Saison is de nieuwe langspeler van het Belgisch-Amerikaanse regisseurskoppel Peter Brosens en Jessica Woodworth. Zoals hun vorige films speelt de symboliek in hun niet alledaagse filmboodschap de hoofdrol. Hun vertrekpunt was de vraagstelling wat er zou gebeuren als de lente niet meer komt. Dat vertellen ze met de voorstelling van een vijfde seizoen. In een dorpje in de Ardennen staat men op het punt om Ome Winter te verbranden maar deze weigert vuur te vatten. Het is een mooi staaltje cinema om te ervaren dat opeenvolgend de winter, de lente, de zomer en de herfst worden voorgesteld als haperende seizoenen. De machteloosheid, de frustratie en de misère die dit met zich meebrengt is allesbehalve realistisch maar dat is ook niet de betrachting van dit aanschouwelijk sprookje. Uiteindelijk zoekt de gemeenschap een schuldige voor de verdorde natuur die haar rijkdommen niet langer prijs wil geven. Net als in Altiplano en Khadak staat de relatie tussen de mens en de natuur centraal. Ditmaal is het echter een denkoefening die voor een niet voor iedereen toegankelijk drama zorgt. (VBR)

Gregoire Colin en het hoofdpersonage dat hij speelt, verdienen een straffere film dan het zoutloze Spanien. De mozaiekvertelling volgt een gokverslaafde kraanmachinist, een agent van de vreemdelingenpolitie met een gebroken hart, diens iconen schilderende ex-vrouw en een meertalige kunstminnende illegale vluchteling die op weg van Moldavië naar Spanje gestrand is op het Oostenrijkse platteland. Alle vier hebben ze ooit betere tijden gekend maar het ongeinspireerde scenario krijgt hun ziel niet blootgelegd. Het blijft oppervlakkig en voorspelbaar. Dat is jammer want de fotografie is erg verzorgd en de illegaal is best een coole gast die niet met zich laat sollen. Had de focus meer op dit niet-doorsnee  personage gelegen dan had Spanien wel  een  blijvende indruk gemaakt. (MVW)

Is dat even pech hebben: net op het moment dat de hoogzwangere vriendin van een bloeddorstige bendeleider wordt neergeschoten, gaan alle dokters in Venezuela in staking. Hij dringt dan maar een priveziekenhuis binnen en gijzelt alle dokters en patiënten. De openingsscène verraadt al dat La Hora Cero geen topcinema is. Wat flitsend en  cool bedoeld is,  komt amateuristisch en lomp over omdat de acteurs geen maat kunnen houden en de cameraman alles doet behalve de scènes deftig in beeld brengen. Overdaad schaadt. Gelukkig neemt de Venezolaanse film zichzelf niet al te serieus. De flinke dosis humor maakt het propvolle scenario nog enigszins draaglijk. Zelfs de meest getalenteerde regisseur aller tijden zou zich vertillen aan een sociaal drama gecombineerd met een Robin Hood-variatie, hedendaagse thriller, satire op de media, politieke complotfilm, moderne actie- en heistfilm en elementen uit de feel goodcinema. De personages lopen elkaar voor de voeten en de plottwists zijn niet bij te houden. La Hora Cero is alles en niets tegelijkertijd. Het ironische is nog dat het personage dat het meest in de zeik wordt genomen uiteindelijk de beste indruk maakt. De actrice die de tv-journaliste speelt, blaast de anderen van het doek. (MVW)

In de meer dan degelijke documentaire Side By Side onderwerpt acteur Keanu Reeves zijn gesprekspartners aan vragen over de niet langer te ontkennen revolutie in de filmindustrie: de opmars van de digitalisering en het verdwijnen van de oude, vertrouwde pellicule en de daarbij horende fotochemische processen. Grote namen als Martin Scorsese, James Cameron, David Lynch en vele anderen komen hun zegje doen en belichten daarbij de pro's en contra's van deze nieuwe werkwijze. Even lijkt het erop dat Side By Side een belerend stukje schooltelevisie dreigt te worden over de werking van beide methodes maar de prent ontpopt zich gelukkig vrij vlug tot een ode aan de cinema en de verschillende technieken die bijdragen tot een eindresultaat. De conclusie – dat de zin om verhalen te vertellen van alle tijden is en dat het “hoe” ondergeschikt is aan de kracht van een goed verhaal - is weinig wereldschokkend maar de diverse meningen en het bijna jeugdige enthousiasme van enkele oude rotten in het vak werkt aanstekelijk. (KDM)

In 2001 kidnapte de islamitische terroristenbeweging Abu Sayyaf een groep toeristen waarmee ze vervolgens meer dan een jaar lang door de Filipijnse jungle hosten. In de jungle zitten gevaarlijke beesten en smerige insekten. De media verloren al snel de belangstelling terwijl de westerse regeringen uit principe niet met terroristen wilden onderhandelen. Captive is een film over de vergeten gekidnapten en kidnappers. Een echt hoofdpersonage is er niet, naar een vaste verhaallijn is het ook lang speuren. Er zijn spannende gevechtscènes, intense dialogen en lange shots waarin niets lijkt te gebeuren. Uiteindelijk lijkt het regisseur Brillante Mendoza te gaan om de toenadering tussen de terroristen en de slachtoffers die de facto tot elkaar veroordeeld zijn. Het camerawerk is briljant maar er gebeurt te lang veel te weinig om echt boeiend te blijven. De bevrijding komt geen minuut te vroeg. (MVW)

Ook het Oostenrijks-Turkse Kuma vraagt geduld want het duurt een tijdje voor duidelijk is wat er werkelijk aan de hand is in dit familiedrama. Centraal staat Ayse, een jonge Turkse vrouw die tegen haar wil moet trouwen met een oudere Turk die in Wenen woont. Het huwelijk is pas het begin. Wat volgt is heftig en gecompliceerd. Kuma kan een aantal clichés over de Turkse gemeenschap niet vermijden maar maakt dat goed door te focussen op een aantal ijzersterke vrouwelijke personages. Zo onstaat er een hevige psychologische strijd tussen Ayse en de vrouwen in haar schoonfamilie. Flinke verrassingen houden de film levendig en spannend, zo is Kuma is een interessante, goed gemaakte film die slim varieert op een bekend, actueel thema. (MVW)

Wie na Killer Joe geen genoeg kan krijgen van Juno Templo moet naar Jack and Diane waarin de Engelse een meisje speelt dat verliefd wordt op Jack, ook een meisje. Regisseur – scenarist Bradley Rust Gray laat stijlen en genres stevig botsten en dan in elkaar overvloeien. Hij zet zijn personages bewust karikaturaal neer, is niet vies van enige overdrijving en groteske symboliek – liefde is een monster – die hij even briljant als uitzinnig vormgeeft. De vorm is grillig en onstuimig maar het verhaaltje over prille, breekbare liefde is mooi. Modestudente Diane – heerlijk die outfits – en skater Jack vormen een prachtig, cool koppeltje dat het lastige spel van aantrekken en afstoten speelt. Inhoudelijk is het niet vernieuwend maar dankzij Juno Temple en Rilo Keough is de de liefdeshistorie de moeite waard. Niet iedereen zal ervan houden, daarvoor is het te weird, maar het is een filmpje dat hevige emoties – van hevige irritatie en tot beate bewondering oproept. (MVW)

Met Offline presenteert Peter Monsaert een geslaagd debuut. Origineel is de openingscène waarin vanuit de kooi van een kanarie een zicht op een bushalte aan een drukke baan wordt geschetst. Wanneer de kooi wordt meegenomen in de bus blijkt de vogel het huisdier van een gebaarde man met een getekend gelaat te zijn. Hij heet Rudy en heeft net de gevangenis verlaten. Wat volgt is een ontroerende en zeer realistische karakterstudie van een man die een foute keuze maakte maar nu terug de draad met het leven buiten tracht op te pikken, daarbij geholpen door Denise en Rachid. Anoniem zoekt hij online met succes contact met zijn ondertussen negentienjarige dochter waarmee hij in levende lijve echter moeizaam terug een relatie tracht op te bouwen. Komische noten voorzien het eerder donkere verhaal van de nodige luchtigheid. Alles in de montage is in evenwicht met de met mondjesmaat aangebrachte onthullingen over Rudy’s verleden. Monsaert kiest met onder andere Wim Willaert als Rudy, Anemone Valcke als zijn dochter Vicky en Patricia Goemare als zijn ex, voor een minder door het Vlaamse publiek herkauwde maar uitstekend vertolkende cast. De boeiende soundtrack van Triggerfinger die met experimentele muziek en de stem van Ruben Block de frustratie, het verdriet, de agressie en de liefde van de personages moeiteloos ondersteunt, maakt dit langspeelfilmdebuut nog interessanter. Deze verfrissende Vlaamse film dingt mee naar de prijzen in deze 39ste editie van het filmfestival. (VBR)

De competitiefilm Après Mai speelt zich af in de Franse nasleep van mei ’68. De protagonisten maken deel uit van een groepje jongeren uit Parijs die zich overtuigd inlaten met politiek. Filmmaker Olivier Assayas hult met de hulp van huiscameraman Eric Gautier de revolutionaire jaren zeventig in een waas van zachte kleuren en licht. Het is niet de eerste keer dat Assayas een revolutie opvoert. Het onderwerp weerspiegelt dan ook zijn interesseveld. Het verliefde koppel Gilles en Christine nemen het op tegen de kapitalistische bourgeoisie met schrijfsels in linkse bladen en protestcampagnes. Gilles is daarnaast ook actief als kunstenaar en droomt er van films te maken. De jongeren leven in een idealistische wereld van kunst, vrijheid en politiek engagement. Assayas laat ruimte voor kritiek op de linkse beweging in het zog van het Trotskysme door zijn hoofdpersonages te volgen langsheen hun deels naïef parcours naar een zinvol levensdoel en de volwassenheid. Hij slaagt daar in met een muzikale keuze die aanleunt bij de flowerpower met onder meer nummers van Syd Barrett, Nick Drake, Amazing Blondel, Tangerine Dream en Captain Beefheart naast aandacht voor citaten uit de revolutionaire literatuur. (VBR)

Wie Neil Young Journeys uit interesse in de geschiedenis van de carrière en het leven van de gevestigde singer-songwriter Neil Young wil meepikken, is er aan voor de moeite. Regisseur Jonathan Demme volgt de Canadese muzikant op weg van zijn thuisstad Omemee naar de Massey Hall in Toronto, waar Young het beste van zichzelf zal geven gedurende de twee laatste concerten van zijn solo wereldtournee in mei 2011. Geleid door zijn broer Bob, rijdt hij met een prachtige Crown Victoria uit 1956 naar de concerthal. Onderweg haalt hij op luchtige wijze jeugdherinneringen op. Zo kom je onder meer te weten dat Neil Young in die tijd niet vies was van kwajongensstreken, hij graag viste en hij zijn opgenomen songs altijd in de auto beluistert. De nadruk ligt echter op de optredens in Massey Hall waar de regisseur overwegend en iets te gretig naar zapt om hier een informatieve en originele documentaire van te maken. De filmmaker geeft wel een intimistisch beeld van de steengoede muziek van een legende door bijvoorbeeld geregeld in te zoemen op de mimiek van Neil Young en zijn song Ohio te voorzien van nieuwsbeelden. Neil Young Journeys is een must voor de ware Neil Young-fan die zijn hart kan ophalen bij de sublieme en rauwe vertolking van enkele van zijn klassiekers en songs van zijn album Le Noise uit 2010. (VBR)

Een Iraniër komt na 40 jaar voor het eerst weer in Brussel. Hij stelt warempel vast dat de stad veranderd is. Een jonge vrouw ging drie maanden op vakantie omdat ze haar vent beu was en stelt na haar thuiskomst vast dat haar gevoelens onveranderd zijn. Veel meer heeft regisseur Tom Heene niet te vertellen in Welcome Home. Zijn verhaaltje over Brussel is tot op de draad versleten, net als de obligate beelden van kranen, bouwputten, glas en beton. De vrouw die haar vriend dumpt, levert een aantal mooi gefotografeerde scènes op maar krijgt door het wankele niveau van de dialogen nooit de emotionele impact die Heene beoogt. Wat we te zien krijgen van de Engelspratende Europeanen op weg naar een feestje roept nare herinneringen op aan The Spiral. Ook de dramatische niet-lineaire constructie lijkt eerder een goedkoop truukje om de zwakte van het basismateriaal te verdoezelen dan een weloverwogen verhaaltechnische ingreep met toegevoegde waarde. Welcome Home is op zijn best sfeervol maar stelt voor de rest bitter weinig voor. (MVW)

Fien Troch gaat met Kid verder op de weg die ze insloeg met Unspoken. Ze vertelt haar verhaal met uitgebalanceerde, lang aangehouden shots. De personages praten enkel wanneer het strikt noodzakelijk is, meestal staan ze bewegingsloos in beeld. Dat is meteen ook het belangrijkste punt van kritiek: ze staren op een bepaald moment zo vaak in het ijle dat het effect wat wegebt. Het thema van Kid is bekend uit haar eerder werk. Dramatische gebeurtenissen gooien het leven van het 7-jarige titelpersonage en zijn oudere broertje Billy helemaal overhoop. Hun referentiekader valt weg. De volwassenen in hun omgeving slagen er niet in met hen te communiceren, bieden hen geen moment rust, veiligheid en zekerheid. De kinderen ontdekken tegelijkertijd met de kijker mondjesmaat flarden van de waarheid. Kid is een ambitieuze, hypergestileerde, erg geconstrueerde film waarin over ieder detail is nagedacht. De lege landschappen, de kille decors, de kleren van de kinderen, het natuurlijke licht: ze hebben allemaal hun functie. De keuze om met een amateurcast te werken pakt goed uit. Hun ongekunstelde spel geeft het drama een extra realistische touch. Het is echter de overwachte, frisse humor die verweven zit in het in-trieste verhaal die van Kid een heel mooie, waardevolle film maakt. (MVW)

Anna is mooi, charmant, intelligent, eigenzinnig, koppig, ambitieus en totaal ongebonden: met andere woorden een vrouw die voor problemen zorgt . Ze zit in de laatste weken van haar driejarige legerdienst als er een klacht binnenkomt over een hooggeplaatste officier. Die zou veel te gewelddadig te keer zijn gegaan tijdens een interventie in de bezette zones. Anna begint aan een moedig gevecht tegen het establishment, tegen vooroordelen, politieke beinvloeding en machtsmisbruik. Room 514 / Anna mitrailleert vlijmscherpe vragen. Kan een buitenstaander - lees niet-soldaat - oordelen over daden gesteld in oorlogssituaties? Wat is geoorloofd geweld? Wat is brutaliteit en wat zelfverdediging? Het creatieve camerawerk met veel extreme close-ups schept een beklemmende atmosfeer, de knappe vertolking van Asia Naifeld voegt de persoonlijke toets toe. Deze debuutfilm intrigeert vooral door de totale openheid waarmee hij de explosieve thema's aansnijdt. Hij mist wat spanning en verrassing om helemaal te overtuigen. (MVW)

Nagelbijtende spanning; en dat zo vroeg tijdens het festival! Daar zorgt Shadow Dancer van James Marsh voor. Marsh, vooral bekend van zijn documentaires Man On Wire en Project Nim, maakte opnieuw een uitstapje naar de wereld van de fictie; al is ook deze prent verankerd in een historische ondergrond. Rijzende ster Andrea Riseborough is Colette McVeigh; een door dramatische gebeurtenissen in de wereld van het IRA-terrorisme gerolde jonge moeder die plots geconfronteerd wordt met MI5-agent Mac (Clive Owen). Hij biedt haar een ander leven aan maar daarvoor moet ze wel informante worden en haar broers, die de ene na de andere gewelddaad plannen en uitvoeren, bespioneren. Wat volgt is een spannende thriller waarin de maskers van de personages afvallen; dodelijke complotten uitmonden in gezinstragedies en een donkere afloop onafwendbaar lijkt. Shadow Dancer biedt weinig nieuws onder de zon. De plotwendingen waarbij personages hun meedogenloze strijd ten koste van alles verder zetten en niemand echt zijn of haar kaarten laat zien zijn vertrouwd. Desondanks is Shadow Dancer een degelijke thriller met goede acteerprestaties; een interessante intrige en enkele klamme handjes-momenten. Goed, zonder meer. (KDM)

Het is bijzonder interessant volk dat meewerkte aan For Ellen. Jena Malone en Jon Heder (als advocaat) spelen gesmaakte bijrollen. Regisseur en scenariste So Yong Kim maakte eerder indruk met The Treeless Mountain, een hard drama waarin een moeder haar twee kinderen in de steek laat. Voor alles is het de film van Paul Dano die Joby speelt, een rocker die half Amerika doorkruist om met zijn ex te onderhandelen over een degelijke omgangsregeling voor hun dochter. Eens aangekomen blijkt dat alles al op papier staat, hij hoeft enkel de voor hem desastreuze deal te tekenen en weer op te rotten. Nee, dit is geen sprookje. Joby pakte de meeste situaties in zijn leven helemaal fout aan en draagt daar nu de gevolgen van. For Ellen toont hoe de harde waarheid langzaam doordringt tot de aarzelende, besluiteloze man die al jaren in zijn cocon zit. Een sublieme Dano transformeert prachtig van egoïstische, ruggengraatloze vent tot een man die de realiteit onder ogen ziet en met de moed der wanhoop probeert te redden wat er te redden valt. For Ellen is negentig minuten wrange maar altijd integere en goudeerlijke auteurscinema over echte, faalbare mensen. Liefhebbers van Amerikaanse independents weten waarheen. (MVW)

Over regisseur Michael Haneke (Funny Games, Caché, Das Weisse Band) kan veel worden geschreven en beweerd maar niet dat hij een flamboyant filmmaker is. Ook zijn nieuwste wapenfeit, Gouden palm-winnaar Amour, sluit naadloos aan bij zijn eerdere werk. In de film volgen we de tragische eindfase in het leven van Georges en Anne (Jean-Louis Trintignant en Emmanuelle Riva); twee welstellende en intelligente tachtigers. Hun leven wordt echter danig op de kop gezet als Anne de eerste tekenen van dementie begint te vertonen en een aanval haar rechterzijde verlamt. Wat volgt is een keihard relaas over hoe Georges wanhopig probeert om voor zijn aftakelende vrouw te zorgen. Zoals steeds bij Haneke trekt hij niet de kaart van de grote emotie. De acteurs spelen onderkoeld en ingetogen. Het tempo is traag; de cinematografie van Darius Khondji statisch en beheerst. De film mag dan wel over liefde gaan en de onverbrekelijke band die er tussen twee mensen kan bestaan; steeds sluimert er een onderhuidse spanning. Het is dan ook een minpunt dat de ontknoping reeds in de openingsscène wordt getoond. We weten hoe dit zal aflopen; maar Haneke is niet zozeer geïnteresseerd in een verhaal vertellen. Zijn aanpak is atypisch (zo is er – op enkele pianomuziek waar de personages naar luisteren na – geen muziek aanwezig) en ook nu weer bespeelt hij het publiek (dat lange shot van het publiek in de zaal! Wie bekijkt wie?). Hij permitteert zich een enkel filmtrucje; een verontrustende en voorspellende nachtmerrie die de wanhoop van Georges benadrukt.. Amour is geen film die je even voor het plezier gaat bekijken. Haneke's nieuwste is een mooi portret over hoe graag we elkaar kunnen zien en hoe hard we voor die liefde willen vechten. (KDM) 

Wie op zoek is naar de “andere film” doet er goed aan om Beasts Of The Southern Wild te gaan bekijken. Deze debuutfilm van Benh Zeitlin werd gemaakt voor de spreekwoordelijke “appel en een ei” en de acteurs zijn allen – bij gebrek aan beter woord – amateurs. Het is een modern sprookje, een coming-of-age fabel, een ecologische avonturenfilm en een familiedrama. De kleine Hushpuppy woont met haar vader Wink in The Bathtub, een herhaaldelijk door stormen geteisterd stuk land (de herinneringen aan en visuele referenties naar New Orleans na Katrina zijn nooit ver weg). Een apocalyptische gebeurtenis brengt Hushpuppy dichter bij de waarheid over haar verdwenen moeder en de brutale levenslessen van haar vader. En wat hebben de gigantische, monsterachtige zwijnen die uit de gesmolten ijskappen tevoorschijn komen met dit alles te maken? Beasts Of The Southern Wild verder omschrijven zou zonde zijn; het is een film die je vooral moet ervaren als een bijzonder energiek kampvuurverhaaltje waarbij de levensvreugde vanaf spat. De aas in de hand is Quvenzhané Wallis; het meisje dat Hushpuppy vertolkt. Aangezien zij de gids is doorheen het verhaal is veel van wat we zien en horen haar interpretatie en fantasie. Momenten van grote miserie en armoede krijgen hierdoor iets aandoenlijk en lief. De personages ondergaan rampspoed en leven in erbarmelijke omstandigheden maar de film rondom hen beschouwt hen als koningen in hun rijk van wiens joie de vivre we allemaal  nog iets kunnen leren. Geen meesterwerk maar wel een mooi alternatief voor wie echt “iets anders” wil zien. (KDM)       

Felix Van Groeningens The Broken Circle Breakdown is niet de cinefiele uppercut waar filmliefhebbers op hoopten. Na het ijzersterke trio Steve + Sky, Dagen Zonder Lief en De Helaasheid der Dingen leek een nieuw Vlaams filmhoogtepunt haast een zekerheid. Het zinderende eerste uur maakt de film de torenhoge verwachtingen meer dan waar. Veerle Baetens en Johan Heldenbergh spelen de moeder en vader van een dochter met kanker. In de niet-chronologische vertelling zien we hoe ze elkaar ontmoeten, hoe ze zijn passie voor bluegrassmuziek oppikt en het kind krijgen dat ze nu bezoeken in het ziekenhuis. Hun liefde voor elkaar is puur en authentiek. Ook wanneer hun dochter steeds zieker wordt, staan ze zij aan zij. Van Groeningen benadert de dood van het kind heel open en beheerst en mikt godzijdank niet op het snelle, gemakkelijke effect. Het drama ontwikkelt zich organisch binnen een stevig, helder en warm geconstrueerd kader. Eens het meisje gestorven en begraven is, begint als het ware een andere film: een die grotendeels gedragen wordt door dialogen die de innerlijke pijn al te nadrukkelijk benoemen. Het gaat over Trauma’s met hoofdletter T en Verwijdering, Verwijten, Vervreemding en Verwarring met hoofdletter V. Al in de eerste grote ruziescène is duidelijk dat dit koppel geen enkele toekomst meer heeft, dat het hopeloos voorbij is. The Broken Circle Breakdown toont een uit elkaar gedreven koppel, maar toont niet hoe hun huwelijk afbrokkelt, hoe het verdriet hen langzaam verteert en tot wanhoop drijft. De personages evolueren te snel en te bruusk waardoor de plotwendingen geforceerd en de dialogen theatraal overkomen. Het schept een emotionele kloof tussen de personages en de kijker, een kloof die Van Groeningen niet meer gedicht krijgt. Dat het verhaal desondanks blijft boeien is grotendeels te danken aan de imposante vertolkingen van Veerle Baetens en Johan Heldenbergh. Ook de bijrollen zijn opvallend secuur ingevuld. Het camerawerk en geluid, de muziek, kostuums, decors en montage zijn van het allerhoogste niveau. De technische bravoure kan de lacune in de psychologische onderbouwing van de personages niet verhullen. Van Groeningen haalt in zijn vierde film niet het maximale uit het gigantische dramatische potentieel dat hij aanboort. Het drama speelt zich te veel af op het scherm en kruipt te weinig onder het huid. The Broken Circle Breakdown is een jammerlijk halfgemiste kans. (MVW)

Alle informatie op de website van het Filmfestival: www.filmfestival.be

PLANEET CINEMA

Planeet Cinema is een online filmmagazine. We bekijken films zonder grenzen: oud of nieuw, populair of obscuur.

We geven graag nieuw schrijftalent de kans om online te publiceren.

Planeet Cinema beschikt over een uitgebreid archief van meer dan 6.000 artikelen sinds 1993.

 

HOME
RECENSIES
ACHTERGRONDEN
FESTIVALS
KLASSIEKERS

Twitter Facebook

 

THEMA

THEMA - UIT DE KUNST
Vrouw in een mannenwereld


Met de hulp van een historica draaide de Franse regisseur Bruno Nuytten in 1988 een biopic over een van Frankrijks meest bekende vrouwelijke kunstenaars uit de negentiende eeuw. De gelijknamige film vertelt haar tragische levensverhaal begeleid door de dramatische muziek voor hoofdzakelijk strijkers van componist Gabriel Yared.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
De beeldhouwer die niet wou schilderen


Quizvraagje voor bij de barbecue: wat hebben Mozes, Johannes de Doper, Marcus Antonius, Henry VIII, Michelangelo en God de Vader zelve gemeenschappelijk? Antwoord: ze werden allemaal op film vereeuwigd door Charlton Heston.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Het spanningsveld van de kunstenaar


Een kunstschilder die in de tweede helft van de negentiende eeuw in het zog van het impressionisme op de kunstscène verschijnt, is Auguste Renoir. Deze Fransman die ongeveer 6000 schilderijen maakte, is echter niet de enige kunstenaar die Gilles Bourdos met de film Renoir in de verf zet.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Genialiteit ondergedompeld in miserie


Quoth the raven: ‘nevermore’. Edgar Allan Poe schreef de beroemde dichtregel in 1845, en sindsdien heeft zijn raaf de populaire cultuur niet meer verlaten. Als zelfs The Simpsons je gedicht opnemen in hun Treehouse of Horrorreeks, weet je dat je het als dichter gemaakt hebt.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Pop-art tot de tiende macht


Thierry Guetta is een Fransman die in Los Angeles een tweedehands kledingzaak heeft. Via via ontmoet hij een street art-kunstenaar en hij – notoir allesfilmer – springt bij en filmt alles. Meer street art-kunstenaars laten zich filmen. Een idee voor een documentaire is geboren. Maar er is iets loos. Guetta zal niet rusten voor hij alle kunstenaars heeft gefilmd. Hij ontmoet er veel. Maar er ontbreekt er een: Banksy, die intussen wereldberoemd is geworden met zijn ironische street art.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Wie is er bang van Alfred Hitchcock?


In 2012, meer dan 30 jaar na zijn dood, verschenen er plots twee films over het leven van Alfred Hitchcock. Het mag een wonder zijn dat het zolang geduurd heeft. Hitchcock was een mysterieus man en een gedroomd object voor een biopic.

>>>

UIT HET ARCHIEF

A-Film
BREAKFAST ON PLUTO
Een katje in disco-wonderland
>>>