Meteen naar de tekst springen

INDEX >> KLASSIEKERS >>

FAHRENHEIT 451
Truffaut verbrandt zijn vingers

 

Hans Dewijngaert | 03/07/2012


Share/Bookmark

Lange tijd leek het erop dat Ray Bradbury de toekomst zou meemaken die hij zelf vorm heeft gegeven in zijn boeken. Tot hij in juni op 91-jarige leeftijd dan toch overleed. Aan zijn beroemdste roman Fahrenheit 451 hangt ook een geweldige film vast, al vond regisseur Francois Truffaut van niet. Hij ontvlamde bijna in woede bij het bekijken van het eindresultaat.

Truffaut was geen liefhebber van sciencefiction, maar toen hij Fahrenheit 451 uit 1953 onder ogen kreeg, was hij verkocht. Hij wilde Bradbury’s fascistische toekomstroman  die zich in de 24ste eeuw afspeelt verfilmen - en wel meteen. Het zou zijn eerste (en laatste) Engelstalig project worden en zijn eerste film in kleur.

In al zijn enthousiasme bleek Truffaut zich te vergalopperen. De regisseur sprak weinig of geen Engels en had dus weinig affiniteit met de dialogen, die hij deels zelf mee moest schrijven. Bovendien haakte zijn hoofdacteur Terence Stamp af omdat die niet langer samen wilde acteren met zijn voormalig liefje Julie Christie. Wellicht vreesde Stamp dat Christie de echte ster van de film zou worden, aangezien ze een dubbelrol zou krijgen.

Kappersbeurt
Truffaut castte in de plaats van Stamp de Oostenrijkse acteur Oskar Werner, met wie hij eerder Jules et Jim had gedraaid. De samenwerking draaide op een ramp uit. Truffaut wilde dat Werner de rol van Guy Montag vol jongensachtige verwondering zou spelen. Hij wilde een opgewekte, blije, ietwat naïeve brandweerman die boeken moest besnuffelen zoals een aap een banaan. Dat zag Werner niet zitten. Hij speelt zijn rol rustig en met de nodige afstandelijkheid.

De ruzie tussen Truffaut en Werner liep zo hoog op, dat ze tegen het einde van de opnames geen woord meer met elkaar wisselden – als Truffaut tenminste nog op de set verscheen. De Fransman had zoveel moeite met de Engelstalige cultuur dat hij zich vaak in zijn hotelkamer verschanste. Werner had tijdens de laatste draaidagen nog een verrassing in petto. Hij ging naar de kapper en zorgde zo doelbewust voor fouten in de continuïteit van de film. Tijdens de laatste opnamedagen ging het ook nog eens onverwacht sneeuwen.

Het is een raadsel hoe het komt dat zoveel tegenslag nauwelijks aan de film valt af te lezen. De dialogen zijn inderdaad houterig en stroef en je kan je inderdaad vragen stellen bij Werners robotachtige manier van acteren. Maar Truffaut lijkt als regisseur toch lekker op dreef met zwierige shots en beeldkaders die hun tijd ver vooruit zijn en hem een nominatie voor een Gouden Leeuw in Venetië opleverden.

Bovendien omringde Truffaut zich met twee grootmeesters in hun discipline: vaste Hitchcock-componist Bernard Herrmann zit in overdrive met zijn soundtrack. Cameraman Nicolas Roeg zou later zelf doorbreken als regisseur van onder meer de klassieker Don’t Look Now (1973) met Donald Sutherland en – weer zij - Julie Christie.

Monorails
Natuurlijk is Fahrenheit 451 na 46 jaar ook gedateerd. Er zweven geen monorails door onze steden en ook andere toekomstelementen hebben het niet gehaald. Maar let eens op de gigantische flatscreen die in de woonkamer van de Montags hangt. Die kan zo aan de muur in een huis uit 2012.

Schrijver Ray Bradbury wilde zijn roman eerst gewoon The Fireman noemen, maar kwam toen op het idee om een brandweercommandant te vragen bij welke temperatuur papier vuur vat. Dat bleek bij 451 graden Fahrenheit te zijn (wat overigens niet helemaal blijkt te kloppen). Hij situeerde zijn roman ver in de toekomst, in een wereld waar boeken verboden zijn omdat ze verantwoordelijk zijn voor negatieve emoties. Kranten bestaan nog wel, maar het zijn gigantische beeldverhalen geworden, met enkel prentjes en foto’s. Knap hoe Truffaut dat letterverbod doortrekt in zijn film zelf waar zelfs de openingscredits gesproken zijn.

Informatiepalen
Het boek weerspiegelt goed de tijdsgeest van de jaren vijftig: het McCarthyisme in de Verenigde Staten en de schaduw van nazi-Duitsland in Europa. De stad waarin Montag rondloopt is een enge combinatie van beide regimes. Niet alleen is het lezen van boeken verboden, op elke straathoek staan ook informatiepalen om lezende buren te verklikken.

Helpt het, dat verbieden van boeken? Staan de mensen gelukkiger in het leven? Montags vrouw Linda (Julie Christie) is een depressieve huisvrouw die de hele dag (door de overheid gecontroleerde) televisie kijkt en alleen maar pillen slikt om zich gelukkiger te voelen. Ze is de nachtmerrie voor elke vrijgevochten man die wat fut en opwinding in zijn relatie wil. Dat Linda op het einde van de film haar eigen man verklikt, komt dan ook nauwelijks als een verrassing.

Montag maakt in Fahrenheit 451 mee wat bij iedereen wel eens kriebelt. De drang om uit de sleur van alledag te ontsnappen, in de film mooi verbeeld door de mysterieuze aantrekkingskracht van het vrijgevochten buurmeisje Clarisse (nog eens Julie Christie). Clarisse is lezeres en muze. Ze geniet van het leven. Het is dat wat Montag prikkelt en uiteindelijk overstag doet gaan.

Papiergeur
In het tweede deel van de film zien we hoe Montag de boswachter verandert in Montag de stroper. Wie zijn hele leven getraind is in het opsporen van boeken, die weet ook heel goed waar hij ze kan verstoppen: achter televisieschermen, onder tafels, in vazen en – onze favoriet, misschien wel voor aangebrande lectuur – in een broodrooster. De Montag die zijn hele leven verdoofd werd door de geur van kerosine ruikt nu de geur van papier.

Ze vormen een hele hoop, de boeken die op de brandstapel belanden en door de brandweermannetjes in de hens worden gestoken, naar verluidt vooral lievelingsboeken van Truffaut zelf: Don Quichote, Othello, Madame Bovary, Alice in Wonderland, Robinson Crusoe, The Catcher in the Rye, Lolita, David Copperfield, Pride and Prejudice, Moby Dick en Animal Farm. Ook boeken van Bradbury zelf moeten branden en zelfs artikelen die Truffaut schreef voor de Cahiers du cinema.

Misschien komt de moraal van de film vandaag een beetje overdreven over. Het idee is goed, maar de uitwerking nogal klungelig. Uiteraard weten Montag en Clarisse aan de brandweerdictatuur te ontsnappen. Ze belanden in een bos buiten de stad, waar elke inwoner een bepaald boek uit het hoofd heeft geleerd. Op die manier kunnen boeken overleven. En dus wandelen er in dat bos levende Kafka’s, Austens of Salingers rond.

Door zulke scènes is Truffauts visie hier en daar achterhaald. Een update is misschien geen slecht idee, maar zelfs de grootste hedendaagse filmmakers verbranden er hun vingers aan. Mel Gibson maakte al in 1994 plannen, eerst met zichzelf, later met Tom Cruise of Brad Pitt in de hoofdrol. Fahrenheit 451 is ook het troetelproject van Frank Darabont, maar hij krijgt Tom Hanks niet over de streep. De remake smeult ergens in Hollywood. Het is wachten tot hij vuur vat. In tussentijd houden Bradbury’s boek en Truffauts film ons warm.

In deze reeks:

REEKS (123) – KLASSIEKER
In deze rubriek snuffelen we elke editie langs grote, kleine en vergeten filmklassiekers.

PLANEET CINEMA

Planeet Cinema is een online filmmagazine. We bekijken films zonder grenzen: oud of nieuw, populair of obscuur.

We geven graag nieuw schrijftalent de kans om online te publiceren.

Planeet Cinema beschikt over een uitgebreid archief van meer dan 6.000 artikelen sinds 1993.

 

HOME
RECENSIES
ACHTERGRONDEN
FESTIVALS
KLASSIEKERS

Twitter Facebook

 

THEMA

THEMA - UIT DE KUNST
Vrouw in een mannenwereld


Met de hulp van een historica draaide de Franse regisseur Bruno Nuytten in 1988 een biopic over een van Frankrijks meest bekende vrouwelijke kunstenaars uit de negentiende eeuw. De gelijknamige film vertelt haar tragische levensverhaal begeleid door de dramatische muziek voor hoofdzakelijk strijkers van componist Gabriel Yared.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
De beeldhouwer die niet wou schilderen


Quizvraagje voor bij de barbecue: wat hebben Mozes, Johannes de Doper, Marcus Antonius, Henry VIII, Michelangelo en God de Vader zelve gemeenschappelijk? Antwoord: ze werden allemaal op film vereeuwigd door Charlton Heston.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Het spanningsveld van de kunstenaar


Een kunstschilder die in de tweede helft van de negentiende eeuw in het zog van het impressionisme op de kunstscène verschijnt, is Auguste Renoir. Deze Fransman die ongeveer 6000 schilderijen maakte, is echter niet de enige kunstenaar die Gilles Bourdos met de film Renoir in de verf zet.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Genialiteit ondergedompeld in miserie


Quoth the raven: ‘nevermore’. Edgar Allan Poe schreef de beroemde dichtregel in 1845, en sindsdien heeft zijn raaf de populaire cultuur niet meer verlaten. Als zelfs The Simpsons je gedicht opnemen in hun Treehouse of Horrorreeks, weet je dat je het als dichter gemaakt hebt.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Pop-art tot de tiende macht


Thierry Guetta is een Fransman die in Los Angeles een tweedehands kledingzaak heeft. Via via ontmoet hij een street art-kunstenaar en hij – notoir allesfilmer – springt bij en filmt alles. Meer street art-kunstenaars laten zich filmen. Een idee voor een documentaire is geboren. Maar er is iets loos. Guetta zal niet rusten voor hij alle kunstenaars heeft gefilmd. Hij ontmoet er veel. Maar er ontbreekt er een: Banksy, die intussen wereldberoemd is geworden met zijn ironische street art.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Wie is er bang van Alfred Hitchcock?


In 2012, meer dan 30 jaar na zijn dood, verschenen er plots twee films over het leven van Alfred Hitchcock. Het mag een wonder zijn dat het zolang geduurd heeft. Hitchcock was een mysterieus man en een gedroomd object voor een biopic.

>>>

UIT HET ARCHIEF

Paradiso
ONCE
Fragiele liefde in een aaibare film
>>>